Terug

Cursus Vier filosofen over kunst

do 1 mrt 2018  |  vanaf 19.30  |  Dansstudio

Dit seizoen komt dr. Rob van Gerwen terug met alweer de derde collegereeks Kunst & filosofie. In deze reeks van vier colleges krijgt u een grondige en samenhangende ingang in de geschiedenis van de kunstfilosofie.

15 feb: David Hume en de ideale criticus 
Waarom discussiëren we over de schoonheid van een film of muziekstuk als het toch allemaal zo subjectief is—over smaak valt niet te twisten, toch? Wat doe je eigenlijk als je zegt dat je iets mooi vindt? Beschrijf je dan iets, en is dat het mooie object, of je eigen gevoel? Kan een smaakoordeel dan waar/onwaar zijn? Kan het bewezen worden? Of beschrijf je helemaal niets, maar druk je ?

Hume denkt dat we gewoon ons gevoel uitdrukken, maar hij komt in de problemen omdat hij ook beseft dat er grote verschillen zijn tussen de werken van Beethoven en die van Madonna. Maar hoe kan dat dan? Zijn er experts wiens oordeel u per se zou moeten overnemen?

22 feb: Immanuel Kant en het esthetische oordeel 
Kant heeft met een grondige analyse van onze esthetische oordelen de esthetica een heel nieuwe structuur gegeven. Na Kant verhouden alle nieuwe theorieën zich tot zijn analyse.

Als we over schoonheid oordelen betrekken we de voorstelling van het object op ons eigen gevoel en niet met verstandsbegrippen op het object. We oordelen belangeloos, leiden de schoonheid van iets niet af van begrippen of van morele goedheid. Het is alsof het object voor onze kenvermogens gemaakt is. De esthetische ervaring is subjectief, maar ze is ook mededeelbaar en precies dat maakt schoonheid zo belangrijk.

1 mrt: Georg W.F. Hegel en het einde van de kunst 
Hegel (1770-1831) benaderde de kunsten in hun samenhang met de manier waarop mensen de werkelijkheid begrijpen. In een kunstwerk zijn het materiaal en de geest (Geist) onlosmakelijk in elkaar verankerd. De geschiedenis is dan ook een opeenvolging van perioden waarin kunst, religie en filosofie erom strijden het zelfbewustzijn van de geest het beste weergeeft.

In de geschiedenis van de kunst is---startend met de Egyptenaren, via de klassieke Grieken, naar de 'hedendaagse' Romantische kunsten---te zien hoe kunst langzaam maar zeker overbodig wordt. Volgens Hegel is het einde van de kunst daarmee aangebroken. Hoezo?

22 mrt: Theodor W. Adorno en de Avant-Garde 
Adorno schrijft de avant-garde kunsten een vermogen toe wat volgens hem de wetenschappen niet heeft: de particulariteit van het eenmalige voor het voetlicht brengen. Waar de wetenschappen abstraheren en universaliseren toont het kunstwerk het Andere—kort en tijdelijk. We krijgen er geen grip op. Als geen andere estheticus heeft Adorno geworsteld met de vraag naar de mogelijkheid om het lijden (van de Joden) te representeren.

do 15 & do 22 feb, do 1 & do 22 mrt - 19.30 tot 21.30 - hele serie € 68 / per avond € 20